VERGELIJKING CANON EOS R, NIKON Z7 EN SONY A7R III

Vergelijking Canon EOS R, Nikon Z7 en Sony A7R III

Het was dan eindelijk zover; in 2018 zagen de eerste mirrorless fullframe camera's van Canon en Nikon het levenslicht. Hiermee stapten beide grote merken in een wereld die sinds jaar en dag geregeerd wordt door Sony. Zoals te verwachten was leverde dit voor de nodige beroering onder de fotografie liefhebbers, voor wie het nooit goed genoeg lijkt te zijn. Eerst waren er klachten dat Canon en Nikon geen mirrorless full frame in het assortiment hadden, daarna waren de klachten dat de camera’s niet modern genoeg waren. De kritiek was zo erg dat er door sommigen beweerd werd dat beide camera’s als de slechtste van het jaar benoemd konden worden, vaak door fotografie liefhebbers die de camera’s niet eens vastgehouden hadden. Je zou zo ten onrechte het idee kunnen krijgen dat er met deze Canon en Nikon geen goede foto te maken is.

Onlangs kreeg ik gelegenheid om uitgebreid met de Canon EOS R te fotograferen, waarvan ik een uitgebreide review heb geschreven. Ik vind het een prachtige camera die perfect in de hand ligt maar wel wat eigenaardigheden heeft als het op bediening aan komt. Aansluitend kreeg ik kans om die camera ook nog enkele weken lang naast de Nikon Z7 en de Sony A7R III te gebruiken. Dit was voor mij de ultieme kans om deze drie camera’s eens echt goed te vergelijken, om zo voor mijzelf een beeld te vormen wat nu de fijnste camera in het gebruik is. In dit artikel wil ik mijn bevindingen delen, die ik zo onbevooroordeeld mogelijk wil brengen.

De Nikon Z7 tijdens het fotograferen van komeet 46P/Wirtanen in december 2018, met een 200mm objectief en volgapparatuur

Ik wil even benadrukken dat dit mijn persoonlijke ervaring met de camera’s is, die ik gedurende de weken door elkaar en naast elkaar heb gebruikt. Wat ik nadelen vind zal door iemand anders misschien niet als nadeel gezien worden, en visa versa. Ook opties die ik niet erg interessant vind kan door een andere fotograaf uitermate belangrijk beschouwd worden. Het is ook goed om te beseffen dat elk van deze drie camera’s een fantastisch stuk gereedschap voor de fotograaf is, waarmee perfecte resultaten te behalen zijn. Met andere woorden; geen van deze drie camera’s is slecht te noemen.


De Sony A7R III

Ik heb al wat ervaring met de Sony mirrorless camera’s, waarvan ik anderhalf jaar geleden de A9 bijna twee maanden in gebruik had. Dat is een prachtige camera die perfecte resultaten levert, maar wat bediening betreft niet de makkelijkste is. Ik heb toen gelegenheid gehad om de A9 ook even naast de A7R II te houden (zie mijn review), waarbij ik merkte dat de eerstgenoemde op vele vlakken sterk verbeterd was en zodoende een veel betere gebruikservaring opleverde. Nu heeft Sony de opvolger van de A7R II op de markt, de A7R III, die in grote lijnen de verbeterde punten van de A9 heeft overgenomen. Wat formaat betreft is het nog steeds een hele kleine camera die vrijwel helemaal naar wens te programmeren is, en voorzien van een menu dat nog steeds even onvriendelijk is als voorheen.

De Sony A7R III, een kleine krachtpatser met 42mp

Met het gewicht van 657 gram (inclusief geheugenkaart en batterij) is de camera de lichtste van het drietal, maar zoals we zullen zien is het verschil verwaarloosbaar. De A7R III levert een resolutie van 42mp, wat natuurlijk enorm is en wat de meesten nooit nodig zullen hebben. Deze enorme resolutie stelt ook enorm hoge eisen aan de objectieven, iets wat niet vergeten moet worden.


De Canon EOS R

In mijn review van de EOS R zijn mijn bevindingen uitgebreid te lezen. Kort samengevat ben ik heel erg te spreken over het formaat en de vormgeving van de EOS R. De camera ligt letterlijk als gegoten in de hand. Helaas heeft Canon flink gesleuteld aan de bediening door de touch-bar te introduceren, iets waar ik dan weer niet erg over te spreken ben. Afgezien van dit, en nog een paar andere puntjes, werkt de EOS R zoals we dat van Canon mogen verwachten, met een overzichtelijke menustructuur en een erg functioneel touchscreen.

De EOS R, de eerste fullframe mirrorless van Canon met een geheel nieuwe lens mount

Wat resolutie betreft heeft de EOS R ongeveer 30mp ter beschikking, gelijk aan de grotere broer, de EOS 5D Mark IV. De camera is met 660 gram (inclusief kaart en batterij) nagenoeg even zwaar als de Sony A7R III.


De Nikon Z7

Nikon heeft twee modellen op de markt gezet; de Z6 en de Z7, waarvan ik de laatstgenoemde ter beschikking heb gekregen. De camera voelt met een uitgekiende vormgeving heel prettig aan en ligt goed in de hand. Je vindt alle knoppen waar je die zou verwachten zodat de camera heel vertrouwd is, zeker voor de Nikon gebruiker. In dat opzicht is de camera ook weinig verrassend. De Nikon Z7 heeft ongeveer hetzelfde formaat als de EOS R, en is dus groter dan de Sony.

De Z7 is de 42mp fullframe mirrorless van Nikon en het grote broertje van de Z6 die er uiterlijk exact hetzelfde uit ziet.

Het gewicht van de Z7 is met 675 gram (inclusief batterij en geheugenkaart) niet erg veel meer dan de overige twee camera’s; het scheelt niet meer dan 18 gram (Sony) of 15 gram (Canon). In mijn ogen kun je veilig stellen dat de camera’s alle drie even zwaar zijn. De resolutie van de beelden die de Nikon produceert bedraagt maar liefst 45 mp, wat net iets meer is dan de Sony. Ook hier geldt dat alleen het beste kwaliteit glas nodig is om optimaal gebruik te kunnen maken van de resolutie.


Het vergelijk

Het is moeilijk om een goed vergelijk te maken en ik heb lang nagedacht hoe ik dit het beste kan doen. Wat ik absoluut niet wil doen is het muggenziften over een megapixel meer of minder, een accucapaciteit van een honderdtal beelden meer of minder, of de beeldkwaliteit op pixel peeping niveau. Alle drie de camera’s produceren een prachtig beeld, dat iedere fotograaf die in RAW fotografeert naar eigen inzicht en smaak omvormt tot een eindresultaat. Wat ik heel belangrijk vind is de gebruikservaring, de manier hoe de camera in de hand aanvoelt, hoe goed deze bediend kan worden, en gemakkelijk de camera naar je eigen voorkeuren ingesteld kan worden. Natuurlijk is de betrouwbaarheid ook belangrijk, dat je zonder twijfel weet dat de camera goed functioneert en reageert, en dat de AF je niet in de steek laat.

De drie mirrorless camera's in gebruik. Het is moeilijk om deze drie prachtige camera's op een goede manier te vergelijken. Een bijzonder leuke uitdaging.

De objectieven die ik beschikbaar had waren voor Sony de FE 24-70mm f/4.0 ZA OSS en FE 70-200mm f/2.8 GM OSS. De Nikon was voorzien van de Z 24-70mm f/4.0 S en via de FTZ verloopadapter de AF-S 70-200mm f/2.8E FL ED VR. Voor de Canon had ik alleen de eenvoudigste EF-EOS-R verloop adapter om mijn eigen objectieven te kunnen gebruiken.

Er is geen ruimte om elke camera tot in de detail te behandelen, daarvoor zou een aparte review per camera nodig zijn. Ik beperk me daarom tot de voor mij belangrijke punten die bepalen of een camera bevalt, of niet. Dit zijn ook de punten die ik aan bod zou laten komen bij het kiezen van een camera, indien ik een nieuwe zou willen kopen. Daarbij spelen mijn ervaringen, die ik de afgelopen jaren bij het testen van al die andere camera’s heb opgedaan, zeker een rol.



In de hand - De grip

Het formaat en vorm van de grip is belangrijk voor het vasthouden. Een goede grip geeft steun en maakt het (soms) zelfs mogelijk om zonder probleem de camera met één hand te bedienen. Hoe groter de camera, hoe belangrijker een goede grip is. Maar een goede grip voor een kleine camera moet niet onderschat worden. Ik vind een grip goed als ik de camera aan mijn vingers kan laten hangen zonder de duim te gebruiken.

De Sony heeft een simpele grip die nauwelijks ergonomisch genoemd mag worden. Hoewel dieper dan de voorganger, is de grip niet zo diep dat het prettig in mijn hand ligt. Mijn vingertoppen komen tegen de body aan, wat uiteindelijk tot een wat meer verkrampte houding leidt. De ruimte tussen het objectief en de grip is bovendien minimaal zodat mijn vingers als het ware klem komen te zitten. En dan heb ik nog geen handschoenen aan. Door de geringe hoogte van de body kan ik slechts met 2 vingers om de grip heen, met de wijsvinger op de ontspanknop en de pink hangt er onderaan.

De grip van de Sony is minimaal, en hoewel er wel wat vorm is zit, is de grip niet ergonomisch en bovendien klein. Een normale positie van de handen bij het fotograferen laat zien hoe klein de body is. Met de vinger op de ontspanknop passen er maar twee vinger om de grip. De pink hangt er onderaan.

De Nikon Z7 ligt door zijn ruime grip veel beter in de hand. De vormgeving is veel organischer, beter naar een hand gevormd. Bovendien is de grip diep genoeg om ruimte aan de vingers te geven. Dit geeft een gevoel van vertrouwen bij het vasthouden, iets wat ik bij de Sony niet heb. Dat niet alleen, er is ook veel meer ruimte tussen grip en objectief zodat er ook plek is voor een tweetal functie knoppen. De hoogte van de grip geeft me net voldoende, of net niet voldoende, ruimte voor de pink. Het zit op het randje.

De grip van de Nikon is groter en beter gevormd. Deze ruime grip geeft een heel natuurlijk gevoel, ligt lekker in de hand, maar de pink past er niet altijd bij. Het hangt van de houding van de hand af.

De Canon EOS R heeft voor mij de beste grip van het drietal. Deze is ergonomisch gevormd waarbij de ontspanknop op een plek zit waar mijn wijsvinger van nature ligt. De grip is ruim zodat mijn vingers tussen objectief en grip nergens klem zitten of tegenaan komen. Een groot voordeel is de hoogte van de camera body, zodat in mijn handen de pink ook om de grip heen valt. De EOS R geeft hierdoor de meeste stabiliteit in de hand, hoewel het verschil met de Nikon marginaal is.

De grip van de Canon voelt prettig aan en de hand past er perfect om. Het geeft goede steun omdat de pink gewoon om de grop heen past. De camera is daar hoog genoeg voor.

De plaatsing van knoppen aan de achterzijde

Op de achterzijde van de camera moet voldoende ruimte zijn om een duim neer te leggen zonder dat je (per ongeluk) een knop indrukt. De vorm van de camera moet zo zijn dat deze goed tussen duim en wijsvinger aansluit, wat de stabiliteit met vasthouden ten goede komt. Een goede steun geeft mij het gevoel dat de camera een verlengstuk van je arm en hand wordt. Een goede plaatsing van de knoppen op de achterkant is daarbij van essentieel belang. Ze mogen niet in de weg zitten, maar moeten tegelijkertijd goed bereikbaar zijn. Dit geldt ook voor het draaiwiel en een joystick, indien aanwezig.

Het geringe formaat van de Sony heeft ook zijn weerspiegeling aan de achterkant. Er is nauwelijks sprake van een goede vormgeving zodat de camera niet lekker in de holte tussen mijn duim en wijsvinger nestelt. Er is wel voldoende ruimte om mijn duim te laten rusten. De knoppen zelf zitten op de body waar ik die zou verwachten, ware het niet dat door de kleine vorm van de camera alles wat dichter op elkaar zit. Hierdoor moet ik mijn duim flink buigen om een aantal knoppen te bereiken, soms zelfs te ver zodat ik de camera losser in de hand moet nemen om erbij te kunnen. Zeker bij het scrolwiel op de achterkant is dit een probleem.

Door het kleine formaat van de A7R III zitten de knoppen dicht op elkaar, maar alles wat nodig is voor een snelle bediening is aanwezig. De knoppen hebben een minimaal profiel en zijn moeilijk voelbaar. Doordat ze dicht bij elkaar zitten moet ik soms mijn vingers flink buigen om erbij te kunnen.

De Canon heeft door zijn design veel meer ruimte op de achterkant waardoor je de camera prettiger in de hand kan houden. De vorm geeft een goede steun tussen duim en wijsvinger maar de duim krijgt net niet voldoende ruimte en komt bijna automatisch op de touch-bar terecht, die daardoor vrijwel continu geactiveerd wordt. De touch-bar heeft zoveel ruimte nodig dat enkele belangrijke knoppen een plek hebben gekregen die ik te ver buiten bereik vind liggen. Het gebruik van de andere knoppen levert geen probleem op.

De EOS R heeft weinig knoppen en stuurt aan op de touch screen bediening. De touch-bar neemt een flinke ruimte in. De knoppen zijn makkelijk bereikbaar en de touch-bar ligt op de plek waar je duim rust, zodat deze (te) makkelijk geactiveerd wordt.

De Nikon Z7 heeft de meest prettige grip en nestelt zich heerlijk tussen duim en wijsvinger. De camera kan door die vormgeving eigenlijk alleen maar op een manier goed vastgehouden worden. Alle knoppen zijn goed bereikbaar en ze zitten op de goede en logische plek. Je hoeft je niet in rare bochten te wringen om de camera te bedienen.

De knoppen van de Z7 zijn zoals ze moeten zijn; goed voelbaar en op de meest logische plek gesitueerd. Alle knoppen van de Z7 zijn goed bereikbaar en blindelings te vinden.

De enige knop die op een vreemde plek zit is de knop om het beeld tussen EVF en LCD scherm te schakelen; die zit helemaal buiten bereik, aan de zijkant van wat ooit het spiegelhuis zou zijn geweest.


Het gebruik van de knoppen en instelwieltjes

Ik vind het belangrijk dat de camera blindelings te bedienen is, dat je de knoppen met het oog voor de zoeker zonder twijfel moet kunnen vinden, zowel met als zonder handschoenen. In het bovenstaande is de plaatsing van de knoppen al benoemd en dit punt sluit naadloos aan op de bevindingen over de knop layout.

De achterkant van de drie camera's met alle knoppen en draaiwieltjes. De Nikon Z7 vind ik het prettigste in gebruik.

Bij de Sony zitten de knoppen weliswaar allemaal op de plek die ik zou verwachten, een aantal knoppen zijn toch moeilijk blindelings te vinden. Ze zijn klein en het profiel is minimaal. Hierdoor kon ik moeilijk voelen of mijn duim op de (juiste) knop lag, helemaal bij het dragen van handschoenen. Dit kwam het meest voor bij de AF-ON knop, maar ook het instelwiel op de achterkant. Die heeft zo weinig profiel dat het draaien aan dit wiel met mijn duim vaak moeilijk ging, zonder een van de drukfuncties per ongeluk te activeren. Enkele knoppen zitten op een heel onlogische plek, zoals de C3 en Menu knop, die niet geschikt zijn om te bedienen tijdens het fotograferen.

Er is nog een apart draaiwiel op de achterkant, in de schouder van de body. Deze ligt zo ver verzonken dat ik die niet prettig te bedienen vind. Het grote draaiwiel voor de belichtingscompensatie is daarentegen heel erg fijn, net als de joystick die erg prettig werkt en zonder probleem te vinden is. Helaas heeft Sony de kans niet gegrepen om een functiewiel op de lege plek bovenop de camera te plaatsen, zoals dat wel het geval is bij de Sony A9.

De Sony in gebruik tijdens een loveshoot. Zo nu en dan moest ik controleren of ik mijn duim op de AF-ON knop had liggen, want die is moeilijk vindbaar/voelbaar.

De Canon heeft de nieuwe touch-bar, een volledig nieuw concept dat naar wens in te stellen is en zowel een swipe als touch bediening heeft. De touch-bar is echter zo gevoelig dat dit de bruikbaarheid in de weg zit. Het bedienen kan niet nauwkeurig genoeg en gebeurt veel te vaak onbedoeld. De touch-bar heeft de positie van de AF knop verplaatst naar een minder toegankelijk plek op de duimgrip. Daarnaast ontbreekt een joystick. Afgezien van de touch-bar hebben alle knoppen een prettig profiel en zijn goed te vinden en bedienen. Toch mis ik enkele (custom) knoppen om belangrijke functies snel en makkelijk onder de hand te hebben. Op de schouder van de camera zit de grote hoofdschakelaar van de camera, een plek die misschien beter benut had kunnen worden.

De EOS R tijdens het fotograferen in het landschap. Het leverde regelmatig een verkeerde instelling op als ik weer eens de touch-bar per ongeluk aanraakte.

De layout van de knoppen vind ik op de Nikon erg prettig en ze hebben over het algemeen een goed profiel zodat ze blindelings, met of zonder handschoenen, goed te vinden zijn. Dat geldt alleen niet voor de ISO en belichtingscorrectieknop die rondom de ontspanknop te vinden zijn; deze twee knoppen hebben veel te weinig profiel en zijn blindelings nagenoeg onvindbaar, en al helemaal met handschoenen aan.

Als enige heeft de Nikon een mooi instelwiel op de schouder van de camera, hoewel ik de handige tweede functiering mis die de spiegelreflexcamera’s van Nikon wel hebben. Daarvoor ben je nu aangewezen op knoppen, die goed te vinden zijn, of het snelmenu. Het enige waar ik regelmatig tegenaan liep was het per ongeluk uitzetten van de camera wanneer ik – vaak met handschoenen aan – de diafragmaring verdraaide. Dat is heel frustrerend.

De Nikon Z7 in het veld was erg prettig in het gebruik. Het enige wat lastig is, is het minimale profiel van de ISO knop waardoor deze moeilijk blindelings te vinden is.

LCD scherm en zoeker

De ervaring van het kijken door een elektronische zoeker, de EVF (Electronic View Finder), is heel anders dan het gebruik van een normale optische zoeker. Het beeld van een EVF wordt zoals alle beeldschermen regel voor regel opgebouwd. Dit gebeurt heel snel zodat we hier niet zo erg van bewust zijn. Bewegen we snel met de camera, dan kan het zijn dat het beeld na-ijlt; we bewegen dan sneller dan de verversing het kan bijhouden. Bij filmen heeft dat het rolling shutter effect (een goede uitleg kan hier gevonden worden). Het aantal keren dat een beeld per seconde ververst wordt is dus belangrijk, net als de helderheid en de kleur. Het meest ideale is een beeld dat overeenkomt met wat je door een normale zoeker heen zou zien. Het rolling shutter effect heb ik niet getest, maar ik heb het na-ijlen van het beeld bij snelle beweging bij normaal gebruik bij geen van de drie aangetroffen. Alle drie de camera’s heb ik met de standaard instellingen van het EVF bekeken.

Van de drie camera’s vind ik de EVF van de Canon het beste. Het beeld is helder, fris en heeft een hele prettige natuurlijke kijk. Het complete beeld is goed te zien, ook met mijn bril op. De EVF van de Nikon is ook heel erg goed en het verschil met de Canon is marginaal. Voor een brildrager blijft ook hier het hele beeld goed zichtbaar. De EVF van de Sony vind ik opvallend veel minder prettig in het gebruik. De helderheid van de zoeker haalt het niet bij de Canon en Nikon en het kijken met een bril heeft als consequentie dat ik niet het hele beeld kan overzien.

Kleuren en helderheid kunnen natuurlijk ingesteld of bijgeregeld worden, maar het is heel erg moeilijk om met de beperkte instellingen een zo natuurlijk mogelijk beeld te krijgen. Wijzingen in de instellingen maken heeft vaak tot consequentie dat het beeld op dat moment er het mooist uit ziet. Dit hoeft dan niet per definitie het meest natuurlijke beeld te zijn, en de kans is groot dat er een persoonlijke smaak en voorkeur een bepalende rol speelt. Ik vind een natuurlijk beeld heel belangrijk voor een goede beoordeling van de belichting.

Van de kantelbare LCD schermen is die van de Canon het meest flexibel.

Zowel de Nikon, Canon als Sony hebben een kantelbaar scherm. De Canon is daarbij het meest beweeglijk en kan ook zijwaarts of naar voren geklapt worden. Nikon en Sony kunnen alleen kantelen. De schermen zijn alle drie voorzien van touchscreen functionaliteit. Die zijn bij Canon het meest uitgebreid: alle opties kunnen bediend worden, zowel bij het fotograferen als de volledige menu sturing. Bij het kijken door de zoeker kan het scherm bovendien gebruikt worden om via swipe het AF punt te verschuiven, wat enige oefening vergt maar goed bruikbaar is. Het touchscreen reageert erg goed en direct.

Bij Canon kun je het LCD scherm gebruiken om het AF punt te verschuiven terwijl je door de zoeker kijkt. Dit werkt heel wat sneller en alerter dan bij de Sony. Nikon heeft deze optie niet.

De Nikon is op een paar kleine opties na net zo uitgebreid en het reageert snel en nauwkeurig. Alleen het AF punt kan niet via het touchscreen verschoven worden wanneer er door de zoeker gekeken wordt, wat heel jammer is. Er bestaat echter wel de mogelijkheid om het AF te verzetten, maar niet bij het kijken door de EVF en alleen door op het scherm te tikken. Ook dan is swipe is niet mogelijk.

De Sony heeft ook een touchscreen, maar dit is nauwelijks functioneel te noemen. Afgezien van het verschuiven van het AF punt via swipe, dat gelukkig ook mogelijke is als je door de zoeker kijkt, is het touchscreen voor de bediening van de camera niet echt bruikbaar. Je kunt inzoomen bij het terugkijken naar een foto, en naar het volgende of vorige beeld swipen, maar daar blijft het bij. Het scherm reageert heel langzaam, wat merkbaar is met het inzoomen en – veel belangrijker – bij het verplaatsen van het AF punt; het punt hobbelt op zijn gemak achter je vinger aan.

Een kantelscherm bij landschapsfotografie is fijn, tot je de camera 90° draait. Dan biedt alleen nog de Canon voordeel.

Menu sturing en custom instelmogelijkheden

Het menu is essentieel voor het naar wens instellen van de camera. Daarvoor vind ik het belangrijk dat het menu duidelijk en logisch ingedeeld is met duidelijke bewoordingen. Het beste menu heeft geen gebruiksaanwijzing nodig. Alle veelgebruikte functies moeten na het instellen van het menu makkelijk en vooral snel bereikbaar zijn, zodat tijdens het fotograferen zo min mogelijk tijd besteed hoeft te worden aan het bladeren door tabbladen of menu opties.

Het menu van de Canon vind ik het beste. Het is overzichtelijk opgebouwd, opties zijn goed gebundeld en snel bereikbaar. Er is een My Menu tabblad, dat naar wens meerdere pagina’s kan bevatten, geschikt voor de menu opties die het meest gebruikt worden. Er zijn weinig vreemde termen of afkortingen en er bestaat een hulp functie die toelichting kan geven indien gewenst. De camera is voorzien van het [Q] menu, zodat alle basis instelmogelijkheden direct bereikbaar zijn. En alles is met touchscreen te bedienen.

Het [Q] menu geeft toegang tot alle belangrijke functies. Dat kan via de toetsen, of via het uitstekende touch screen. Aan de knoppen op de EOS R kunnen een andere functie toegewezen worden. Dit gebeurt via dit menu wat erg overzichtelijk is.

De meeste knoppen op de Canon kunnen naar wens ingesteld worden. Dit gebeurt via een mooi duidelijk menu dat gebruiksvriendelijk is. Er is per knop een beperkt aantal opties mogelijk, maar over het algemeen is dat wat er gekozen kan worden meer van voldoende. De touch-bar heeft een eigen instel menu, met voorgeprogrammeerde instellingen die naar wens aan te passen zijn.

Het menu van de Nikon is iets minder overzichtelijk, maar goed te gebruiken. Het vergt soms te veel door de menulijsten heen scrollen wat het zoeken naar een functie tijdrovend kan maken. Een My Menu geeft ruimte aan veel gebruikte menu opties waarbij je opnieuw moet scrollen als er teveel ingezet worden. Een [i] toets geeft twaalf naar wens te kiezen functies op het scherm weer. Deze zijn via touchscreen, of via toetsen te bedienen en geven snel toegang tot de meest gebruikte instellingen. Niet alle knoppen van de Nikon kunnen in bediening aangepast worden, maar voor welke dat wel kan gebeurt dat via een heel duidelijk instelscherm, vergelijkbaar met dat van de Canon. Heel het menu is via touchscreen te bedienen.

Het menu van de Nikon vergt heel wat scrollen. Hierdoor is de overzichtelijkheid iets minder vergeleken met de Canon, maar toch goed bruikbaar. Het [i] menu van de Nikon. Deze kan naar wens samengesteld worden en is bovendien via het touch screen te bedienen.

Het menu van de Sony is onlogisch opgebouwd en daardoor onoverzichtelijk. Het menu is ingedeeld in tabbladen, en elk tabblad in aparte subtabbladen waarvan er tot 14 (of meer) kunnen zijn, maar welke elk niet meer dan zes functies kan bevatten. Het vergt veel door tabbladen bladeren om iets te vinden en het kan daarom bijzonder tijdrovend zijn. Er is gelukkig een My Menu aanwezig om de meeste gebruikte functies in te zetten, maar deze geeft echter slechts ruimte voor maximaal zes menu functies.

De knoppen op de Sony kunnen vrijwel allemaal naar wens geprogrammeerd worden, en de [Fn] knop geeft toegang tot twaalf veelgebruikte instelmogelijkheden die naar wens te kiezen zijn. Het instellen van de knoppen en de [Fn] functies is echter niet bijzonder duidelijk.

Het menu van de Sony blijft onoverzichtelijk, met tabbladen die tot wel 14 pagina's kunnen bevatten. Een optie vinden kost tijd. Het [Fn] menu van de Sony heeft dezelfde opzet als de Nikon, maar moet via de knoppen bediend worden. Het touch screen werkt hier niet mee.

Ik wil benadrukken dat het gebruik van een menu naar verloop van tijd steeds sneller en makkelijker gaat; je went er aan en leert het door en door kennen, mits je er regelmatig gebruik van maakt. Het risico is wel, dat na het instellen van alle gewenste opties het menu zo weinig meer gebruikt wordt dat je na verloop van tijd opnieuw moet gaan zoeken. Hoewel de gebruiksvriendelijkheid van een menu belangrijk voor de algehele gebruikerservaring is, blijft dit in mijn ogen nog altijd ondergeschikt aan het vasthouden, en het bedieningsgemak bij het fotograferen in de praktijk.


Fotograferen met de camera - In de praktijk

Na het instellen van alle opties, knoppen, instelwieltjes en snelmenu’s zoals de [i] bij Nikon, de [Fn] bij Sony of de [Q] bij Canon, kan er gefotografeerd gaan worden. Ik heb daarbij de bediening bij alle drie de camera’s zoveel mogelijk gelijk gehouden, waardoor het vergelijk niet alleen beter is, maar dat het ook makkelijker is om de camera’s naast elkaar en door elkaar heen te gebruiken.

De drie mirrorless camera's in het veld. In de praktijk zijn ze alle drie meer dan capabel om goed mee te fotograferen.

Welke camera je gebruikt maakt in de praktijk niet zoveel uit. De basisbediening van de camera is bij elke nagenoeg gelijk en je kunt zonder probleem de foto maken die je wilt. Naarmate je meer met een camera aan het fotograferen bent gaan er pas dingen opvallen. Dingen die prettig zijn, die lastig zijn, die vervelend worden of juist prettiger blijken te zijn dan wat je in eerste instantie verwachtte.

Wat praktische bediening betreft springt de Nikon voor mij boven de andere twee uit. Dit ligt aan het formaat body en de ergonomie, in combinatie met de hoeveelheid knoppen die op een logische plek gevonden worden. Wat ik erg op prijs ben gaan stellen is de instelmogelijkheid van de ISO, waarbij de auto ISO met een apart instelwiel geactiveerd wordt. Alleen is die ISO knop zo moeilijk te voelen doordat die zo’n minimaal profiel heeft. Aan dit probleem met het profiel van de knoppen lijdt de Sony in grote mate. Ik moest regelmatig zoeken naar de AF-ON knop en activeerde regelmatig de DISP functie van het instelwiel bij het draaien aan dit wiel. Niet alleen het minimale profiel, maar ook de positie van de knoppen op de te kleine body is daar een oorzaak van. Ik mis bij de Sony bovendien een goed touchscreen, wat zeker met het [Fn} menu op het scherm een enorm gemis is. De kwaliteit van het LCD scherm en de EVF vallen bij Sony ook erg tegen.

Zeker met handschoenen aan, maar ook zonder, zitten de vingers klem tussen de grip en het objectief. Je ziet ook hoe klein de body is; mijn wijsvinger ligt ver over de ontspanknop.

De Canon fotografeert veel prettiger dan de Sony, maar de touchbar gooit voor mij roet in het eten wat betreft bedieningsgemak van de camera. Te vaak activeerde ik de optie die ik op de touch bar ingesteld had, of kon ik de optie niet verzetten omdat dit door het per ongeluk aanraken van de touch bar geblokkeerd was. Hoewel het vasthouden, het gebruik van het scherm en de touchscreen bediening perfect is, gaf ik uiteindelijk toch meer voorkeur voor de Sony, iets waarover ik me verbaasde.

Maar, als ik dan vervolgens door de zoeker van de Sony keek, was de ervaring weer veel minder positief. De EVF van Nikon kijkt veel, veel prettiger en de Canon doet daar nog een (minuscuul) schepje bovenop; een helder, realistisch, overzichtelijk EVF dat gewoon fijn is om te gebruiken en bijna overeenkomt met een optische zoeker. Dat geldt ook voor het LCD scherm, dat bij de Canon het meest flexibel is en zodoende ook in portretstand uitstekende flexibiliteit biedt.

Wat me opviel was de gevoeligheid van de oogsensor, die zorgt voor het automatisch schakelen tussen EVF en LCD. De Sony reageert al op een minuscuul druppeltje water op de sensor, terwijl de Canon vaak bij de bediening geactiveerd wordt door een zekere mate van overgevoeligheid. Kortom, die oogsensor is soms een zegen, soms een vloek.

De Canon bij het fotograferen van vastgoed. Het kantelscherm kan erg prettig zijn, maar pas op voor de touch bar.

Natuurlijk komen de vervelende dingen meer aan het licht wanneer je een direct vergelijk hebt, als je drie camera’s naast elkaar gebruikt. Zoiets zal in de praktijk nooit gebeuren, waardoor je feitelijk niet beter weet hoe helder de EVF is, of hoe de oogsensor reageert, of hoe de knoppen aanvoelen... Of je raakt gewend aan het menu of de grootte van de camera. Veel dingen vallen pas op wanneer je ze echt naast elkaar gebruikt, maar niet als het je enige camera is.

De Nikon tijdens het maken van een loveshoot. Een erg prettige camera in het gebruik, maar de AF is niet heel erg goed in het scherp houden van bewegende onderwerpen.

Autofocus en snelheid

Ik heb niet veel testen uitgevoerd met de autofocus. In de praktijk bleken alle drie de camera’s goed en snel scherp te stellen. De Canon bleef het beste focussen onder slechte lichtomstandigheden. De Sony werkt nagenoeg vlekkeloos met de voortreffelijke eye-AF en bleef goed volgen. De Nikon heeft geen eye-AF, hoewel er een firmware is (of komt) die deze optie aan de camera toevoegt), en bij het volgen van een onderwerp bleek de camera niet erg nauwkeurig te zijn.

Dit zijn echter indrukken die ik kreeg bij het gebruik van de camera’s, die ik voornamelijk gebruikt heb met single point AF omdat ik dan het gevoel heb perfecte controle te hebben over waar ik mijn scherpte wil hebben. Hoe goed een eye-AF ook werkt, hoe weet de camera dat het oog van de juiste persoon in beeld scherp is, of wat de scherpte moet doen wanneer er geen oog zichtbaar is? Wat wel heel belangrijk is, is de mogelijkheid om het AF punt makkelijk te verzetten. De swipe functie van de Canon maakt het heel eenvoudig en snel om het AF punt naar de juiste de positie in het beeld te verschuiven. Het touchscreen van de Sony is daar minder snel en nauwkeurig in, maar de joystick werkt voortreffelijk, net als bij de Nikon, die dan helaas weer geen mogelijkheid heeft om met het oog voor de zoeker het AF punt naar de juiste plek te swipen.

Actiefotografie heb ik te weinig gedaan om hierover een goed oordeel te vellen. Ik heb wel gemerkt dat geen van drieën een echte actiecamera is. (Sony A7R III + FE 70-200mm | 200mm | ISO 500 | f/2.8 | 1/200 sec)

De drie camera’s zijn allemaal snel en kunnen voldoende beelden per seconde maken. Toch zijn ze niet allemaal even efficiënt daarin. De Canon zet op zijn snelste stand enkele dynamische meetmethoden en zelfs de AF vast. De Sony levert dan weer een verschrikkelijk trage schrijfsnelheid naar de kaartjes. De buffer is dan wel redelijk groot, maar tijdens het wegschrijven is het maar beperkt mogelijk om instellingen op de camera te wijzigen waardoor je soms te lang moet wachten. De Nikon heeft behalve een kleine buffer het probleem dat bij de snelste stand er geen live beeld in de EVF is. Kortom, geen van deze camera’s is perfect voor snelle actie, iets waar deze camera’s sowieso niet voor gemaakt zijn.

Dynamisch bereik

Wat tegenwoordig als heel belangrijk ervaren wordt, is het dynamisch bereik. En inderdaad, dit kan betekenen dat je veel speelruimte hebt in het oplichten van de donkere delen in de foto wanneer het contrast groot is, of wanneer je er met de belichting helemaal langs zit. Voor een landschapsfotograaf is er vaak een mogelijkheid om een nieuwe foto te maken, of een serie belichtingen (bracketing), maar voor een reportage- of trouwfotograaf is die mogelijkheid er meestal niet. Een groot dynamisch bereik kan in dat geval de foto redden, zo lang er geen uitgebeten witte delen in de foto zitten, want die zijn bij geen enkele camera te redden. Ik heb ervaren dat bij alle drie de camera’s het dynamisch bereik uitstekend is. Er is verschil, maar dit bedraagt niet veel meer dan een enkele stop.

De Sony A7R III bij het fotograferen van een zonsondergang, gemaakt met de Canon EOS R. (Canon EOS R + EF 16-35mm L | 32mm | ISO 100 | f/11 | 1/25 sec | -0,7 EV)

Om te zien wat het dynamisch bereik in de praktijk betekent, heb ik een paar scènes gefotografeerd met een hoog dynamisch bereik, om zo te zien in hoeverre het oplichten van de donkere delen mogelijk is, met behoud van een bruikbare foto.

De eerste test is een scène die ik bewust met 3 stops onderbelichting heb gefotografeerd, om deze vervolgens in Lightroom 3 stops op te lichten. Dit is iets wat met elke moderne camera op ISO 100 redelijk probleemloos zou moeten verlopen. En dat doen alle drie de camera’s perfect, zonder problemen.

Met hogere ISO waarden wordt dit corrigeren kritischer en zal ruistoename eerder zichtbaar zijn. De test heb ik dus ook met ISO 1600 gedaan. Helaas heb ik voor deze test verzuimd om de belichting op een vaste waarde te houden, waardoor ik was overgeleverd aan de belichtingsmeter van de camera, die elk op een eigen manier de belichting meet. Ik heb deze afwijking in belichting bewust niet gecorrigeerd, omdat deze correcties altijd invloed hebben op de ruisniveau’s.

Er is meer ruis te zien als er bij ISO 1600 drie stops wordt gecorrigeerd, maar het resultaat is prima bruikbaar.
Ook hier geldt dat de belichting van de Nikon Z7 niet helemaal gelijk is aan de andere twee, maar het ruisniveau bij ISO 1600 ziet er prima uit als deze drie stops opgelicht wordt.
Zoals te verwachten valt is ook bij de Sony het ruisniveau bij ISO 1600 en drie stops correctie prima in orde.

Deze foto’s naast elkaar laten zien dat er weinig verschil is en dat alle drie de camera’s goede mogelijkheden bieden tot het corrigeren van (maximaal) 3 stops onderbelichting. Bij nauwkeurige bestudering van de beelden zijn er verschillen te zien, maar die zijn mijn inziens te klein om in de praktijk een (grote) rol te spelen.

De verschillen tussen de drie camera's bij drie stops correctie en ISO 1600 wordt het beste zichtbaar als ze naast elkaar staan.

Bij een zonsondergang heb ik het dynamisch bereik tot het maximale kunnen testen. Ik heb in deze situatie op het helderste deel van de foto belicht, wat een te donkere voorgrond tot gevolg heeft. De belichtingen van de drie camera’s zijn hier nagenoeg gelijk zodat de uitgangspositie van de bewerking gelijk is. Vervolgens hebben deze foto’s dezelfde bewerking gekregen in Lightroom, met een kleine aanpassing op witbalans om de kleuren zoveel mogelijk hetzelfde te houden.

Drie opnamen van een zonsondergang, met drie verschillende camera's. Dit zijn de onbewerkte resultaten, belicht op de hoge lichten.
Het extreem bewerkte beeld van de Canon EOS R waarbij de donkere delen maximaal gecorrigeerd zijn.
Het resultaat van de extreme bewerking bij de Nikon Z7. Ook hier zijn de donkere delen maximaal opgelicht.
Dezelfde bewerking losgelaten op het beeld van de Sony A7R III, waarbij zoveel mogelijk detail in de donkere delen zichtbaar is gemaakt.

Het oplichten van de foto is misschien te ver doorgevoerd (belichting +1,6EV, schaduwen +100 en hoge lichten -100), en een lokale bewerking kan elke foto een betere uitstraling geven. Ik heb echter voor deze globale bewerking gekozen om zo goed mogelijk te demonstreren hoe ver je per camera kunt gaan in nabewerking. Er is geen ruisonderdrukking of verscherping uitgevoerd. Op deze kleine afbeeldingen lijkt er nauwelijks verschil te zijn. Pas wanneer er op 100% naar de opgelichte schaduwpartijen wordt gekeken zien we in hoeverre deze extreme bewerking een achteruitgang in kwaliteit oplevert.

Ingezoomd op het donkerste deel van de foto, laat de gevolgen van te ver oplichten bij de Canon EOS R duidelijk zien.
De Nikon Z7 laat vrijwel dezelfde kwaliteit zien als de Canon. Je moet goed kijken om verschillen te zien.
De kwaliteit van de Sony A7R III bij dit soort extreme bewerkingen is duidelijk beter dan de Canon en Nikon.

Uit deze uitvergroting is te zien dat de Canon en Nikon elkaar niet veel ontlopen; detaillering en ruisniveau’s zijn nagenoeg gelijk, waarbij ik de Canon een miniem voordeel geef. De Sony is echter een duidelijke winnaar. Detaillering is goed en de ruisniveau’s in dit geval meer dan acceptabel. Staar echter niet blind op deze resultaten. Zoveel corrigeren laat bij elke camera een achteruitgang in kwaliteit zien, ook bij de Sony. Dit wordt pas duidelijk wanneer het verschil met een foto die met een belichtingstrapje is gemaakt naast elkaar wordt weergegeven. Het is aan te raden om dit extreme correcties van onderbelichte delen in de foto zoveel mogelijk te voorkomen.

Hoewel het oplichten van de donkere delen bij de Sony A7R III erg goed gaat, is het resultaat via een HDR nog altijd beter. Daarom is het beter om deze extreme bewerkingen tot noodgevallen te beperken.

Alles op een rijtje

Wat vind ik nu de prettigste camera om te gebruiken? Na enkele weken met deze drie op pad te zijn geweest is mijn favoriete camera de Nikon geworden, gevolgd door de Sony en als laatste de Canon. Maar soms was de Canon prettiger dan de Nikon en vervloekte ik de Sony, om er dan achter te komen dat het met die kleine Sony toch wel mee viel. En er was een moment dat ik de Sony prettiger vond dan de Nikon, hoewel die momenten erg schaars waren.

Je leest het al, een eenduidig antwoord kan ik niet geven. Elke camera heeft zijn eigen positieve en negatieve punten, en elke fotograaf zal zo zijn voorkeuren hebben als het op bediening aan komt, omdat niet iedere fotograaf dezelfde handen, dezelfde eisen of dezelfde smaak heeft. Maar welke camera ook de voorkeur zou krijgen, alle drie zijn prachtige machines die doen wat ze moeten doen; foto’s van een voortreffelijke kwaliteit maken.

Persoonlijke voorkeur zal de belangrijkste doorslag geven in welke camera je kiest. Ze presteren alle drie gewoon goed en de verschillen zitten in de details.

Ik vind deze drie mirrorless camera’s zeker niet perfect, en ze hebben voor mij (ik benadruk dat nog maar eens) hun eigen voor- en nadelen. Als ik zou moeten kiezen, dan stelde ik een camera samen met de sterkste punten van elk van de drie. Dit zou dan de Sony EOS Z7 worden, met: de grootte van de Canon; het LCD en EVF van de Canon; het menu van de Canon; de hoeveelheid AF punten van de Canon; het touchscreen en ergonomie van de Canon of Nikon; de knoppen en layout van de Nikon; de uitgebreidere menu functies van de Nikon; de eye-AF van de Sony; het dynamisch bereik van de Sony; het dubbele kaartslot van de Sony, maar wel met de snelle kaart schrijfsnelheid die we bij de Canon en Nikon zien en ten slotte de in body stabilisatie van de Sony of Nikon.

De grootste ergernissen die ik ervaren heb zijn: de touch-bar van de Canon; het profiel van de knoppen, samen met de grootte van de Sony; en voor de Nikon de AF tracking. Uiteindelijk is de Nikon de camera waar ik de minste grote ergernissen bij aangetroffen heb. Daarom is dit voor mij de prettigste camera gebleken.

Ik heb voor elke camera de belangrijkste plus en minpunten op een rij gezet. De lijst is absoluut niet compleet, maar het zijn voor mij de belangrijkste punten. De camera’s zijn geen van allen perfect; ze zijn het bijna. Ben je op zoek naar een van deze drie camera’s, ga ze dan vooral vasthouden en uitproberen, en ik hoop dat met de onderstaande punten de meest ideale camera voor de fotografie die beoefend gekozen kan worden.


Pluspunten Canon EOS R

Formaat en ergonomie
Kantelscherm
Heel funcioneel touchscreen
AF punt verplaatsen via swipe met het oog voor de zoeker
Overzichtelijk menu
Zeer goede EVF
Helder en goed LCD

Minpunten Canon EOS R

Touch-bar
AF-ON knop zit verkeerd
Geen joy-stick
Te weinig knoppen op de body
Enkel kaartslot
Beperkingen bij maximaal serie opnamen
Canon EOS R + EF 70-200mm L | 145mm | ISO 100 | f/11 | 13 sec | Lee 3 stops ND
Canon EOS R + EF 35mm L | ISO 250 | f/6.3 | 1/30 sec

Pluspunten Nikon Z7

Formaat en ergonomie
Prettige knoppen, goed gepositioneerd, en voldoende knoppen
Joystick
Heel functioneel touchscreen
Goede EVF
Helder en goed LCD
In body stabilisatie

Minpunten Nikon Z7

Beperkingen bij maximaal serie opnamen
ISO en EV knop slecht profiel en zo moeilijk te vinden
AF tracking niet optimaal
Geen AF punt swipen met oog voor de zoeker
Nikon Z7 + AF-S 70-200mm | 140mm | ISO 2800 | f/4.0 | 1/125 sec | -1 EV
Nikon Z7 + Z 24-70mm | 70mm | ISO 2200 | f/5.0 | 1/125 sec

Pluspunten Sony A7R III

Goede eye-AF
Groot dynamisch bereik
Joystick
Helemaal naar wens te customiseren
In body stabilisatie

Minpunten Sony A7R III

Te kleine body en slechte ergonomie
Knoppen te weinig profiel
EVF niet helemaal te overzien met bril
EVF is niet de beste
Touchscreen is heel erg beperkt
Touchscreen is niet heel responsive
Onoverzichtelijk menu
Sony A7R III + FE 70-200mm | 118mm | ISO 125 | f/2.8 | 1/125 | +1 EV
Sony A7R III met FE 24-70mm | 48mm | ISO 200 | f/9.0 | 15 sec
Nando Harmsen
Fotograaf

Nando Harmsen is een professioneel trouwfotograaf met als hobby landschaps- en concertfotografie. Daarnaast helpt hij graag de (beginnende) fotograaf met tips en trucs, geeft lezingen en workshops over zijn fotografie. Nando heeft door de jaren heen een eigen herkenbare stijl ontwikkeld, wat heeft geleid tot veel publicaties en exposities in zowel binnenland als buitenland.