Review Profoto B1 door Robbert Dijkstra

Wie momenteel op zoek is naar een studioflitser staat voor een lastige keuze. Door het grote aanbod is het niet makkelijk om te bepalen wat voor jou het meest geschikte model is. De lage prijzen van sommige studioflitsers met oostelijke afkomst maken ze erg verleidelijk, maar de ervaring leert dat net zoals met andere camera accessoires, goedkoop uiteindelijk toch vaak duurkoop blijkt. Wanneer we kijken naar de verschillende merken van studioflitsers in het professionelere segment dan komen we al snel uit bij Briese, Broncolor, Elinchrom en natuurlijk Profoto.

Investeren in een A-merk doe je om dezelfde reden als bij andere producten. Service, support en kwaliteit zijn bij deze A-merken simpelweg vele malen beter, maar hierop zal ik later nog terugkomen. Op deze pagina’s zullen we eens wat dieper ingaan op in wat Profoto nou precies te bieden heeft.

Profoto verdient het om in de spotlight te staan omdat zij een van de merken zijn die laten zien dat ze continu aan het innoveren zijn op het gebied van studioflitsers. Regelmatig waren zij de eerste partij die nieuwe technologieën integreren in hun producten om zo vernieuwende producten te maken. In 2014 was Profoto bijvoorbeeld de eerste fabrikant die een studioflitser introduceerde met ingebouwde TTL belichting, de B1. Sindsdien heeft Profoto niet stil gezeten, ze hebben inmiddels een compleet ecosysteem van flitsers met TTL.

Op deze pagina zullen meerdere artikelen voorbij komen waarin Profoto als merk centraal staat. Welke flitsers bieden zij bijvoorbeeld aan en hoe werken deze? Ook zal ik meer informatie geven over TTL op studioflitsers en waarom het erg interessant kan zijn om te investeren in een goede flitser. De informatie die hier wordt gegeven is gericht op mensen die basiskennis van flitsers hebben, voor algemenere vragen staat het team van Cameraland klaar om te je helpen. Ook voor specialistische kennis kan je terecht bij Cameraland.

Zoals vele anderen ben ik al langere tijd gebruik aan het maken van flitsers om zo precies het licht te kunnen creëren dat bij mijn foto past. Hierin ben ik zeker niet speciaal, maar ik heb handig gebruik kunnen maken van mijn technische achtergrond om zo voornamelijk de verschillen tussen flitsers tussen beter te kunnen begrijpen. Deze kennis probeer ik ook te delen en zodoende ben ik al enige jaren een van de auteurs op LightingRumours, een blog wat zich bezighoudt met studioflitsers en andere belichtingsapparatuur voor fotografen en videografen.

De tests die ik voor LightingRumours zijn altijd gebaseerd op praktijkervaring en zijn zeker geen lab tests. Ik gebruik de flitsers tijdens mijn normale werkzaamheden, wat meestal een mix van portret, fashion en environmental portraits is. Zelf werk ik liever niet in de studio, maar neem mijn flitsers liever mee naar een unieke locatie. Alleen dan kan ik iets creatiefs maken waarbij ik zowel de controle over het licht, de locatie en het model heb. Op die manier transformeer ik mijn visie naar een resultaat.

Waarom investeren in licht?

Ik krijg regelmatig de vraag waarom ik zoveel zou investeren in licht? Licht blijft toch gewoon licht? Nou, om eerlijk te zijn klopt dat niet. Sterker nog, twee flitsers kunnen op papier bijna identiek lijken maar in de praktijk erg andere resultaten geven. Dit komt door een aantal verschillende aspecten die ik op deze pagina zal uitleggen.

Kracht: kracht heb je niet alleen nodig op het moment dat je grote groepen met flits gaat fotograferen. Flitslicht wordt vaak gebruikt omdat het bestaand licht er niet is, of omdat het bestaande licht niet de gewenste kwaliteit heeft. In het laatste geval heb je dus genoeg vermogen nodig om het bestaande licht te overstemmen. Bovendien absorberen softboxen , beauty dishes en andere modifiers een hoop licht waardoor je soms vermogen te kort komt. Je wilt dus genoeg power hebben, maar ook in staat zijn om het vermogen terug te regelen op het moment dat het nodig is. Goedkopere (en vooral oudere) flitsers kunnen dit vaak niet.

Spreiding: "https://www.cameraland.nl/camera-flitsers/producten">reportageflitsers, ook wel bekend als speedlites, zijn zo gemaakt dat ze efficiënt een foto belichten. De interne reflector zorgt ervoor dat het licht alleen op het gebied komt waarvan een foto wordt gemaakt. Wanneer een reportageflitser op de camera gebruikt wordt is het effect hiervan zeer gewenst, maar zodra de flitser van de camera af gaat is het een heel ander verhaal. Nu willen we dat de spreiding van het licht egaal is en dat de flitser het licht mooi verdeelt binnen de gehele softbox of andere modifier. Studioflitsers zijn gemaakt om dit beter te doen.

Duur: voor het menselijk oog lijkt een flits erg snel, maar voor een camera zit er nog duidelijk verschil in. In de specificaties van fabrikanten zie je vaak de t/0.5 of de t/0.1 tijden staan. Deze getallen geven aan hoe lang de puls van de flits duurt. Alhoewel dit heel snel kan lijken, is in het algemeen de regel hoe sneller hoe beter. Een kortere flitsduur zorgt voor scherpere resultaten, voornamelijk wanneer je onderwerpen fotografeert die snel bewegen, zoals bijvoorbeeld water.

Kleur: net zoals bij continulampen kan de kleurtemperatuur van flitsers erg verschillen. In principe zijn alle flitsers zo gemaakt dat de kleurtemperatuur overeenkomt met daglicht, oftewel ongeveer 5600K. In de praktijk is dat echter alleen zo als de flitser het volle vermogen afgeeft. Goedkopere flitsers hebben het probleem dat naarmate je een lager vermogen gebruikt de kleur blauwer wordt, en dit zie je goed terug op foto's. Duurdere flitsers hebben dit probleem niet of nauwelijks. Vooral als je meerdere flitsers mixt kan je het kleurverschil goed zien als beide flitsers op een ander vermogen staan ingesteld.

Consistentie (power en kleur): de kracht en kleur van een flits kan variëren tussen verschillende foto's, zelfs wanneer de flitser op dezelfde instellingen staat. Deze variatie kan erg vervelend zijn wanneer je consistente resultaten nodig hebt. Hier geldt ook, duurdere flitsers doen dit over het algemeen een stuk beter.

Gebruiksgemak: dit spreekt voor zichzelf. Dingen zoals een ingebouwde trigger, een afstandsbediening om het vermogen te regelen en dergelijke maken het een stuk makkelijker (en daardoor ook sneller) om de flitser te gebruiken. Vooral op het moment dat de flitser ergens ver of hoog gepositioneerd wordt is het niet altijd makkelijk om het vermogen te regelen zonder afstandsbediening.

Kwaliteit: dit is moeilijker te meten is, maar op het moment dat je het ziet dan weet je het direct. Hoe sluiten de verschillende onderdelen op elkaar aan? Kan de flitsers tegen een stootje of heb je fluwelen handschoenen nodig? Hogere kwaliteit betekent vaak ook een langere levensduur en betere betrouwbaarheid, en vooral dat laatste is voor professionele fotografen erg belangrijk. Je wil niet bij een opdracht staan en dan in de steek worden gelaten door je flitser.

Ondersteuning: helaas kunnen alle flitsers stuk gaan. Dit kan gebeuren doordat jij hem hebt laten vallen of misschien vanwege slijtage. In dat geval wil je liever je flitser repareren in plaats van dat je een dure nieuwe moet aanschaffen. De ervaring leert dat merken met een Aziatische afkomst dit minder goed voor elkaar hebben. Op het moment dat je je flitser wil laten repareren dan duurt dat lang en het is niet altijd mogelijk.

Uitstraling: dit laatste punt is meer een subjectief iets, maar uiteindelijk toch belangrijk op het moment dat je de flitser professioneel gaat gebruiken. Op het moment dat klanten een apparatuur zien die met plakband bij elkaar wordt gehouden zal je geen punten scoren.

Hoewel het doorlezen van de specificaties een goede manier kan zijn om meerdere flitsers met elkaar te vergelijken, moet je niet blind vertrouwen op de getallen die worden gegeven. De ervaring leert dat de fabrikanten alleen de beste resultaten vermelden en vooral in het geval van goedkopere flitsers worden getallen nogal aangedikt. Ik heb al meerdere keren gezien dat op papier een flitser van 400 euro beter is dan een alternatief dat vijf keer zo duur is, maar in de praktijk is dit nooit het geval.

Waarom TTL op studioflitsers?

TTL op studioflitsers lijkt een rare combinatie. Regelmatig krijg ik vragen omtrent dit onderwerp; waarom zou ik een TTL modus willen hebben in een omgeving waarin ik totale controle wil hebben over al het licht? Gebruiken niet alle goede fotografen alleen maar manual power? Is TTL niet erg foutgevoelig? Dit zijn terechte vragen, maar laten we allereerst beginnen met de term studioflitser. De benaming ‘studioflitser’ is geen goede omschrijving van wat deze flitsers tegenwoordig kunnen, omdat dit soort type flitser al lang niet meer alleen in de studio worden gebruikt. De introductie van lithium-ion batterijen heeft ervoor gezorgd dat op locatie foto's maken met grotere flitsers erg makkelijk gaat.

Door het gebruik van flitsers op locatie, in plaats van in een studio, krijg je een nieuw probleem. Het bestaande omgevingslicht kan niet worden gedempt, maar moet worden overstemd om de flitser een zichtbare contributie aan de foto te laten geven. Je wil dit echter beheerst doen zodat de verhouding van de flits en bestaand licht is zoals jij dit wil. Maar wat het vervelende is dat bestaand licht niet altijd consistent is. Een wolk voor de zon, een ander tijdstip op de dag en dergelijke kunnen de balans verpesten. Door het gebruik van automatische belichting hoef je maar een keer die balans in te stellen waarna die gedurende de shoot behouden blijft.

Automatisch belichten is ook erg handig voor situaties waarbij je simpelweg geen tijd hebt om het licht goed in te stellen. Denk aan bruiloften of andere evenementen waarbij je wel de kwaliteit van een studioflitser wil gebruiken, maar niet de tijd krijgt om hem goed in te stellen. Een studioflitser met TTL functionaliteit biedt hiervoor een perfecte uitkomst. Ik beweer niet dat TTL belicht perfect is, maar het biedt kansen die er anders nooit waren. Net zoals de lichtmeter binnen je camera maakt de flitser fouten, maar vooral als je egale belichting wil creëren dan zit de automatische belichting altijd erg dichtbij het gewenste resultaat.

Kort samengevat, automatische belichting biedt kansen maar moet zeker niet overal worden gebruikt. In de studio zou ik persoonlijk nog steeds zelf mijn flitsers instellen, maar vooral buiten is TTL erg handig. Denk bijvoorbeeld sportfotografie met flits. Doordat het onderwerp steeds een andere afstand ten opzichte van de flitser had zou het heel moeilijk zijn geweest om meerdere foto's te maken zonder TTL.

Welke flitsers van Profoto zijn er?

Inmiddels biedt Profoto veel verschillende flitsers aan. Vooral wanneer je de eerste keer krijgt naar de verschillende producten kijkt kan het moeilijk zijn om de verschillen te zien. Sommige van deze flitsers worden zelfs in meerdere varianten aangeboden wat het al helemaal moeilijk maakt. Welke flitser bij jou past ligt er voornamelijk aan hoe jij deze gaat gebruiken. Niet alle fotografen werken hetzelfde en door de juiste flitser bij jouw werkwijze te kiezen kan jij beter en prettiger werken.

Begin 2017 waren dit de verschillende flitsers die Profoto in de collectie heeft.

  • Profoto B1 500 AirTTL
  • Profoto B2 250 AirTTL
  • Profoto D1 250 Air
  • Profoto D1 500 Air
  • Profoto D1 1000 Air
  • Profoto D2 500 AirTTL
  • Profoto D2 1000 AirTTL
  • Profoto Pro-10 2400 AirTTL
  • Profoto Pro-B4 1000 Air
  • Profoto D4 1200 Air
  • Profoto D4 2400 Air
  • Profoto D4 4800 Air

Dit is een flinke lijst, maar het is eigenlijk vrij makkelijk om de verschillen tussen de modellen uit te leggen. Allereerst, niet alle flitsers van Profoto werken met een batterij. De modellen die een naam hebben waarin in een B zitten (de B1, B2 en Pro-B4) zijn uitgevoerd met een accu. Bij de andere zal je toch een stopcontact moeten opzoeken om de flitsers te kunnen gebruiken. In de naam zien we ook een 3 of 4 cijferig nummer dat het vermogen van de flitser aangeeft, wat wordt gedaan in Ws.

Verder zien we in alle namen de term Air of AirTTL terugkomen. De naam Air geeft aan dat in deze flitsers een draadloze ontvanger zit ingebouwd. Door gebruik te maken van de bijpassende draadloze trigger kan je op afstand de flitsers draadloos af laten gaan, maar het geeft je ook de mogelijkheid om het vermogen waarmee de flitser afgaat aan te passen.

AirTTL is eigenlijk de volgende generatie van Profoto's draadloze Air systeem. Hierbij kunnen de flitsers niet alleen draadloos worden bediend, maar de camera kan nu ook praten met de verschillende flitsers. Dit maakt het mogelijk dat TTL belichting beschikbaar is bij deze modellen, maar ook dat flitsers nog steeds correct kunnen werken wanneer de camera een sluitertijd gebruikt boven de normale flitssynchronisatietijd. Dit werkt door middel van High Speed Sync (HSS).

Tenslotte zijn de Pro en D4 modellen niet alleen een stuk duurder dan de anderen, maar hebben ook een andere bouwvorm. Deze hebben een zogenaamde 'head and pack' configuratie, oftewel de kop van flitser is los ten opzichte van de elektronica. Op deze packs kunnen ook meerdere heads, oftewel flitskoppen, worden aangesloten.

Uit deze lijst zijn voor de gemiddelde fotograaf de B1, B2 en D2 variant het meest interessant. Zowel de B1 en B2 flitser worden gevoed met accu's, maar de B1 is twee keer zo krachtig als de B2. De B2 heeft als voordeel dat hij een stuk kleiner en handzamer is dan de B1, waardoor het meenemen van de flitser makkelijk kan worden gedaan. Het is dus niet zo dat de B1 beter is dan de B2, maar beide varianten kunnen beter geschikt zijn voor verschillende situaties.

Persoonlijk vind ik voor mijn stijl van fotografie de Profoto B1 het meest interessante model en daarom heeft Cameraland ook een B1 beschikbaar gesteld voor mijn test. Later kan je mijn ervaringen lezen met dit model.

Wat voor accessoires zijn er beschikbaar?

Vergeleken met andere merken werkt Profoto met een andere manier om accessoires te bevestigen, deze worden namelijk om de behuizing van de flitser geklemd. Ook is het ontwerp om de flitstube anders bij Profoto dan wat je standaard zou verwachten. In plaats van een uitstekende flitstube zit bij Profoto de flitstube beschermd achter glas en is daarnaast een deel van de standaard reflector geïntegreerd in de behuizing van de studioflitser. Dit maakt het een stuk makkelijker en veiliger om met de flitser te reizen.

Profoto heeft twee verschillende varianten van accessoires voor hun flitsers. De eerste familie, genaamd OCF Light Shaping Tools, is gelijktijdig geïntroduceerd met de Profoto B1 in 2014 en is bedoeld voor fotografen die veel reizen met hun flitsers. Ten opzichte van de standaard lijn van accessoires, die Light Shaping Tools heten, zijn de OCF Light Shaping Tools lichter en sneller op te zetten. Zowel de OCF Light Shaping Tools als de gewone Light Shaping Tools zijn met alle flitsers van Profoto te gebruiken.

Vooral bij de speedring kan je erg goed het verschil tussen beide varianten zien. De OCF speedring weegt ongeveer 200 gram terwijl de zwaardere RFi (gemaakt voor de zwaardere softboxes) variant 700 gram weegt. De kwaliteit van beide modellen is erg goed, maar wees er wel van bewust dat je de RFi softbox niet op een OCF speedring kan monteren. De dikkere diameter van de rods van de RFi softboxen kunnen dan voor schade in de OCF speedring zorgen.

Het is overigens ook goed om te weten dat alle Profoto Softboxen standaard zonder een speedring worden geleverd, deze moet er apart worden bijgekocht. Op het moment dat je tot aanschaf van een softbox overgaat, vergeet dan niet om deze erbij te kopen anders kan je je nieuwe softbox niet gebruiken.

De keuze tussen de normale Light Shaping Tools of de OCF Light Shaping Tools is afhankelijk van hoeveel je reist met je flitsers en ook wat voor lightvormers je graag gebruikt. Grotere softboxen zal je bijvoorbeeld niet als OCF variant bij Profoto vinden omdat deze te zwaar voor de OCF speedring zijn en door het formaat minder geschikt zijn als draagbare versie.

Triggers

De flitsers van Profoto hebben ingebouwde draadloze ontvangers die kunnen worden aangestuurd door een zogeheten Air Remote, oftewel een trigger die je monteert in de hot shoe van de camera. Het is sterk aan te raden dat je ook investeert in deze draadloze triggers als je het maximale uit je flitser wil halen.

De Profoto Air Remotes bestaan in meerdere varianten. Zoals al eerder bij het flitser overzicht besproken heeft Profoto twee verschillende type draadloze systemen, de Air en de Air TTL. Een Profoto Air Remote werkt met elke camera en kan met elke flitser die Profoto nu aanbiedt samenwerken, maar deze trigger kan niet met de camera praten. In de praktijk betekent dit dat deze trigger geen functies zoals TTL en HSS kan ondersteunen, maar beschikt nog steeds wel over de mogelijkheid om draadloos het vermogen in te stellen.

Momenteel bestaan er vier verschillende AirTTL remotes, voor Canon, Nikon, Sony en Olympus. Doordat deze triggers met de camera communiceren weet de camerabody ook dat er een flitser is aangesloten en zal op een andere manier de foto proberen te belichten. Op de studioflitsers van Profoto die TTL ondersteunen zal je dan ook gebruik kunnen maken van de automatische belichting (TTL) en high speed sync.

Overigens is het goed om te weten dat Profoto bezig is om ook voor meer merken ondersteuning te bieden. Een flitskop kan later worden voorzien van nieuwe firmware waardoor er opeens ook met een ander merk TTL kan worden geflitst. Hetzelfde is al gebeurd met Sony en later nog Olympus, dit merk wordt pas sinds 2017 ondersteund door Profoto.

  • Profoto Air Remote
  • Profoto Air Sync
  • Profoto Air TTL-C
  • Profoto Air TTL-N
  • Profoto Air TTL-S
  • Profoto Air TTL-O

Robbert Dijkstra

Fotograaf

Robbert Dijkstra is actief als hobby fotograaf. Robbert is naar eigen zeggen meer een geek dan een kunstenaar. "Met een technische achtergrond en universitaire opleiding kijk ik vaak erg anders naar fotografie dan sommige collega's die meer doen met het gevoel. Ik wil niet alleen snappen hoe ik een camera moet gebruiken, maar ook hoe hij werkt van binnen. De nieuwste ontwikkelingen op het gebied van camera's volg ik altijd zorgvuldig."